Musici

Ere Lievonen

Ere Lievonen (Oulu, 1972) is de eerste organist van Het Fokker-orgel. Naast organist is hij klavecinist, pianist, fortepianist, componist en arrangeur. Hij studeerde piano en orgel aan de Sibelius Academie in Helsinki en rondde deze studies af in Nederland, waar hij sinds 1997 woont. Hier behaalde hij diploma’s orgel- en klavecimbelspel, historische piano’s, oude muziek en hedendaagse muziek aan de conservatoria van Amsterdam, Utrecht en Den Haag. Hij kreeg les van onder anderen Jacques van Oortmerssen, Bart van Oort, Jacques Ogg, Siebe Henstra, Annelie de Man en Miklós Spány. Daarnaast volgde hij masterclasses van onder meer Jean Boyer, Hans-Ola Ericsson, Lars Ulrik Mortensen, Andrea Marcon, Stanley Hoogland, Zsigmond Szathmáry en Malcolm Bilson.
Als uitvoerder is Lievonen gespecialiseerd in historische uitvoeringspraktijk en historische toetsinstrumenten, maar ook in hedendaagse muziek. In het bijzonder hedendaagse muziek op klavecimbel en andere historische instrumenten. De afgelopen jaren heeft hij het harmonium aan zijn repertoire van instrumenten toegevoegd. Lievonen trad op als solist en als kamermusicus op tal van festivals voor oude en hedendaagse muziek in verschillende Europese landen en de Verenigde Staten, en gaf de eerste uitvoeringen van meer dan 250 nieuwe werken. Hij trad ook op op als fortepiano-duo met Tullia Melandri en speelde klavecimbel in verschillende barokensembles, zoals ALGO en Beauty and the Beasts. Hij is een van de oprichters van Ensemble Ambrosius, een Fins ensemble dat nieuwe muziek speelt op oude muziekinstrumenten en twee cd’s heeft opgenomen met muziek van Frank Zappa. Daarnaast is hij lid van het hedendaagse muziekensemble Hexnut en het in 2011 door hemzelf opgerichte Salon Eusebius, een ensemble dat kamermuziek uit de 18e en 19e eeuw speelt op historische instrumenten. Ook treedt hij op als keyboard-duo met pianiste Anne Veinberg. Orkesten waarmee hij heeft gewerkt zijn onder meer het Helsinki Philharmonic, het Fins Radio Symfonie Orkest, het Noord- Nederlands Orkest, het Nederlands Kamerorkest en het Nederlands Philharmonisch Orkest.
Als organist speelt hij naast het Fokker-orgel ook regelmatig op het historische orgel in de Geertekerk te Utrecht en geeft hij orgelconcerten in binnen- en buitenland. Van jongs af aan heeft Lievonen een grote interesse voor microtonale muziek. Aan het Conservatorium van Amsterdam volgde hij de intensieve cursussen ‘Advanced Rhythm’ en ‘Hedendaagse muziek door niet-westerse technieken’ bij Rafael Reina, waar hij zich verdiepte in Zuid-Indiase Karnatische muziek en leerde om anders na te denken over zowel toonhoogte als ritmiek. Hierdoor is hij in staat om de gekste en meest complexe partituren te doorgronden. Om deze redenen heeft Stichting Huygens-Fokker hem in 2009 gevraagd om de vaste organist te worden van het Fokker-orgel. Met zijn inmiddels 15 jaar ervaring op het Fokker-orgel is Lievonen een vooraanstaand uitvoerder op het gebied van microtonale muziek geworden. Hij is een uitmuntende organist die er altijd vol voor gaat en en niet stopt voordat hij alles in de vingers heeft. Als Fokker-organist vervult hij een centrale rol in twee huisensembles van Stichting Huygens- Fokker: Ensemble SCALA en Vokalprojekt 31.
Meer informatie: erelievonen.eu

Laurens de Man

Laurens de Man (’s-Hertogenbosch, 1993) is de tweede organist van het Fokker-orgel. Hij is een begaafd musicus die actief is als pianist en organist, zowel solistisch als in kamermuziekverband. Sinds 2020 is hij de tweede organist van het Fokker-orgel. Hij combineert zijn liefde voor oude en klassieke muziek met een avontuurlijke openheid voor moderne muziek, waarin hij zich moeiteloos beweegt.
In 2024 ontving Laurens de Nederlandse Muziekprijs, de hoogste onderscheiding die door het ministerie van OCW wordt toegekend aan een musicus in de klassieke muziek. NRC tipte hem al in 2020 als “één van de tien klassieke musici waar je je oren voor moet spitsen” in hun lijst van 101 veelbelovende culturele talenten uit Nederland en Nederlandstalig België.
Laurens studeerde piano, orgel en bijvak klavecimbel aan het Conservatorium van Amsterdam bij respectievelijk Jacques van Oortmerssen, David Kuyken en Johan Hofmann. Hij behaalde in 2016 zijn masterdiploma orgel cum laude en in 2017 zijn masterdiploma piano met het predicaat ‘uitmuntend’. Van 2017 tot 2019 vervolgde hij zijn studie orgel bij Leo van Doeselaar aan de Berlijnse Universität der Künste, waar hij het prestigieuze Konzertexamen met de hoogste cijfers afrondde. Gedurende zijn studie volgde Laurens masterclasses bij onder andere Willem Brons, Elisabeth Leonskaja, Pascal Devoyon, Abdel Rahman el Bacha en Rudolf Jansen voor piano, en bij Olivier Latry en Lorenzo Ghielmi voor orgel (waaronder de Jong Talentklas Orgelacademie Haarlem in 2010).
Laurens heeft diverse prijzen gewonnen bij nationale en internationale concoursen, waaronder Prinses Christina Concours (1e prijs, Den Haag), Klavierwettbewerb J.S. Bach (Würzburg), Martini Organ Competition (1e prijs, Groningen), Silbermann Wettbewerb (1e prijs, Freiberg), waar hij werd uitgeroepen tot “ECHO Young Organist of the Year 2020”. In 2018 ontving hij de Sweelinck-Mullerprijs, een onderscheiding voor jonge organisten die een vernieuwende impuls weten te geven aan de orgelcultuur.
Het oeuvre van J.S. Bach speelt een centrale rol in Laurens’ muzikale activiteiten. Hij trad op tijdens het Bachfestival Dordrecht en speelde Bach in tv-programma’s zoals De Wereld Draait Door en Podium Witteman. Zijn vertolkingen van Bachs Goldbergvariaties en andere programma’s werden enthousiast ontvangen, onder meer in het Orgelpark te Amsterdam. In november 2017 bracht hij een cd uit met klavierwerken van Bach. Bij de Bachkliniek, een initiatief van theatermaakster Jacqueline Hamelink (Sounding Bodies), verzorgde hij in augustus 2019 bijzondere één-op-één-concerten met muziek van Bach. In 2023 trad hij op als continuospeler in Bachs Matthäus-Passion van de Nederlandse Bachvereniging, met uitvoeringen door heel Nederland.
Laurens is pianist van het Chimaera Trio, waarmee hij kamermuziek uit vier eeuwen speelt en arrangeert. Het trio bracht twee cd’s uit. Daarnaast speelt hij regelmatig met andere ensembles en solisten. Sinds 2012 is Laurens hoofdorganist van de Utrechtse Janskerk. In het seizoen 2022-2023 was hij “Organist in Residentie” van het Contiusorgel in Leuven. Vanaf september 2023 is hij benoemd tot hoofdvakdocent orgel aan het Utrechts Conservatorium. Tevens is hij als docent bijvak klassiek piano verbonden aan het Conservatorium van Amsterdam, waar hij jazzpianisten begeleidt in hun klassieke ontwikkeling. Meer informatie: laurensdeman.com

Anne Veinberg

De Australische pianiste Anne Veinberg is de vaste bespeler van de Carrillo-piano en is een veelzijdig musicus met een diepe passie voor hedendaagse muziek en een unieke benadering van haar instrument. Als solist, ensemblelid en improvisator brengt zij een breed scala aan muzikale ervaringen tot leven, zowel binnen als buiten de traditionele concertzaal. Veinberg staat bekend om haar avontuurlijke spirit en haar vermogen om nieuwe klanken en ideeën te verkennen. Haar repertoire omspant niet alleen de klassieke en moderne pianoliteratuur, maar ook zeldzame instrumenten zoals toy piano’s en de 96-toons Carrillo-piano.
Anne’s nauwe samenwerking met hedendaagse componisten vormt een rode draad in haar artistieke praktijk. Ze bracht werken in première van onder andere Felipe Ignacio Noriega, Andys Skordis, Marcel Wierckx en Charlie Sdraulig, en werkte samen met componisten als Wim Henderickx, Vanessa Lann en Karlheinz Essl. Ze is lid van diverse ensembles, waaronder Duo Kolthof|Veinberg, Duo Kortekaas|Veinberg en Offzz, waarin zij live coding combineert met pianospel. Haar innovatieve project ‘CodeKlavier’, dat ze samen met Felipe Ignacio Noriega oprichtte, verkent de artistieke mogelijkheden van live coding via de piano. Met CodeKlavier’s ‘ARquatic’ voerde ze een bijzondere tournee door de botanische tuinen van Nederland uit, een project dat in 2022 werd bekroond met de Joke ’t Hart-prijs. Anne’s uitvoeringen zijn te horen op gerenommeerde festivals als Gaudeamus Music, Rewire, Sonorities en La Escucha Errante. Ze weet haar publiek niet alleen in de concertzaal, maar ook daarbuiten te inspireren met vernieuwende projecten die de grenzen van traditionele muziekbeleving verleggen.
Naast haar uitvoeringspraktijk geeft Anne pianoles bij het X-programma van de TU Delft en zet ze zich in als concertorganisator. Sinds 2018 maakt ze deel uit van het bestuur van Stichting Toets des Tijds en sinds 2024 van Stichting Present Sound. Haar artistieke visie wordt ook ondersteund door haar academische achtergrond: in 2012 rondde ze haar masterstudie af bij David Kuyken aan het Conservatorium van Amsterdam, en sinds 2015 doet zij promotieonderzoek aan het DocArtes-programma van het Orpheus Instituut. Met een Yamaha-vleugel uit de Willem G. Vogelaar-collectie, in bruikleen van het Nationaal Muziekinstrumenten Fonds, verkent Anne voortdurend nieuwe muzikale horizonten. Haar gedrevenheid en nieuwsgierigheid maken haar tot een van de meest boeiende pianisten van haar generatie. Meer informatie: anneveinberg.com

Stefan Gerritsen

Stefan Gerritsen is de vaste bespeler van de 31-toongitaar, een instrument gebaseerd op het stemmingssysteem van de 17e eeuwse Nederlandse wetenschapper Christiaan Huygens. Dit instrument leent zich door zijn zuivere tertsen uitstekend voor muziek uit de renaissance en barok, maar ook voor hedendaagse muziek. Stefan maakt met deze gitaar deel uit van microtonaal ensemble SCALA, waarin hij ook elektrische gitaar speelt.
Hij is een veelzijdige klassieke gitarist met een repertoire dat zich uitstrekt van oude muziek tot de nieuwste composities. Daarnaast schuwt hij het avontuur niet en initieert hij nieuwe projecten om het repertoire voor de klassieke gitaar uit te breiden. Met Verso, zijn duo met Panfluitist Matthijs Koene won hij vele concoursen, zoals de Vriendenkrans en Concertgebouwprijs (Amsterdam, 2003), Cómradio eigentijdse muziek prijs (Barcelona, 2003), finale plaats in “the CAG music competition” New York (2005 en 2006), IBLA Grand Prize Top Winner Award en Piazzolla Award (Italië, 2006). In 2007 maakten zij hun debuut in de Carnegie Hall in New York. Zij maakten verschillende cd’s, die zeer lovend werden ontvangen. Hun tweede cd “Chasing Piazzolla” kreeg in juni 2016 vier sterren in de Volkskrant, waarin Stefan werd geprezen als een “grandioze gitarist”. Enkele citaten uit de pers: “Verso are highly skilled, very professional and charismatic performers” (Classical Guitar magazine, 2010) “They are very, very good.”
Stefan droeg bij aan het tot stand komen en uitvoeren van vele nieuwe composities. Dit betreft niet alleen muziek voor verschillende ensembles, maar ook solo-repertoire en recentelijk composities voor de combinatie koor en gitaar. Naast zijn inspanningen voor nieuwe muziek voor gitaar in combinatie met andere instrumenten, is hij ook een gepassioneerd vertolker van het Spaanse en Zuid-Amerikaanse repertoire en speelt hij oude muziek van Sweelinck tot Bach.
Stefan studeerde aan het Conservatorium van Amsterdam bij Lex Eisenhardt en behaalde in 1998 het diploma Docerend Musicus met onderscheiding. In 2000 voltooide hij zijn opleiding Tweede Fase Cum Laude. Naast de lessen aan het conservatorium werd hij intensief gecoacht door de Canadese gitaar-virtuose Laura Young. In 2001 studeerde hij aan het vermaarde Escola Luthier te Barcelona bij Alex Garrobé. Daarnaast nam hij deel aan vele internationale gitaarfestivals en volgde masterclasses bij onder andere Manuel Barrueco, Nigel North en Roberto Aussel. Hij was finalist van verschillende gitaarconcoursen en won in november 2006 de tweede prijs van het internationale gitaarconcours van Zwolle. In augustus 2005 gaf Stefan een recital met Renaissance en Barok muziek voor toenmalig koningin Beatrix. Stefan speelde met gerenommeerde ensembles voor hedendaagse muziek en maakt deel uit van diverse ensembles voor hedendaagse Kamermuziek. Daarnaast treedt hij op als solist met grotere bezettingen zoals in het luitconcert in D van Antonio Vivaldi en het concert voor gitaar en orkest van Heitor Villa Lobos. Hij was vele malen te beluisteren op radio en televisie in zeer uiteenlopende muzikale stijlen: van een tango voorstelling met de Argentijnse zangeres Roxana Fontan, tot nieuwe muziek voor 31-toons gitaar. Meer informatie: stefangerritsen.com

Meer musici

Stichting Huygens-Fokker werkt met diverse musici samen, waaronder met die van de eigen microtonale ensembles, te weten Vokalprojekt 31 en Ensemble SCALA. Het vocale ensemble bestaat al sinds de oprichting in 2015 uit Valeria Mignaco (sopraan) en Alfrun Schmid (mezzosopraan) en een jaar later Daan Verlaan (tenor), met medewerking van de eerder genoemde vaste organist Ere Lievonen (31-toonsorgel). Ensemble SCALA gaf zijn eerste concert eind 2010 en bestaat nog grotendeels uit dezelfde groep musici, namelijk Raymond Honing (fluit), Michel Marang (klarinet), Manuel Visser (altviool), Stefan Gerritsen (microtonale gitaar), wederom Ere Lievonen (31-toonsorgel) en vanaf een kleine drie jaar later Anne Veinberg (96-toonspiano/keyboards) en Glenn Liebaut (percussie). Daarnaast hebben componist en pianist Guus Janssen en microtonale gitarist Melle Weijters meerdere keren een uitvoering gegeven met of op het Fokker-orgel.
Voorbeelden van andere gastmusici waar Stichting Huygens-Fokker mee heeft gewerkt tijdens de Fokker-orgel concertserie (getiteld Orgel!) in het Muziekgebouw zijn Bram Stadhouders (gitaar), Jacob Lekkerkerker (orgel), Ruña ‘t Hart (viool), Una Cintiņa (orgel), Rutger Muller (uitvoerend componist), Lenneke van Staalen (Indiase viool), Heiko Dijker (tabla), Gregory Oakes (quarter-tone extended clarinet), Martijn de Graaf Bierbrauwer (bariton), Ned McGowan (compositie en fluit), Mervyn Groot (percussie), Jellantsje de Vries (viool), Marnix Vinkenborg (live electronics), Georg Vogel (M-Claviton), David Dornig (31-toonsgitaar), Valentin Duit (drums), Ivan Pavlov (microtonale piano), Jan-Bas Bollen (uitvoerend componist), Tolgahan Çoğulu (microtonale gitaar),
Fie Schouten (klarinet), Galdric Subirana (percussie), Inge Ariesen (hobo), Oene van Geel (viool), Cengiz Arslanpay (ney), Bart van Dongen (toetsen), Boris Bezemer (uitvoerend componist), Katharina Gross (cello), Wouter Snoei (uitvoerend componist), Joseph Puglia (viool), Erks Jan Dekker (bariton), Felipe Ignacio Noriega (uitvoerend componist), Emmy Storms (viool), Irene Kok, cello, Sarah Jeffery (blokfluit), Carolina Eyck (theremin & stem), Jan Hage (orgel), Juho Myllylä (blokfluit), Birgit Gunzl (dans), Alexander Moosbrugger (orgel), Ernestine Stoop (Carrillo-harp), Harrie Starreveld (shakuhachi & microtonale fluit), Maarten Havinga (orgel), Iris Tjoonk (trombone), Susanne Kujala (orgel), Johannes Keller (orgel & archicembalo), Diamanda Dramm (viool), Masato Suzuki (orgel), Warren Burt (orgel), Yoonhee Lee (viool), Mikko Perkola (viola da gamba), Judith van Driel (viool), Marleen Wester (viool), Nora-Louise Müller & Ákos Hoffman (Bohlen-Pierce klarinet), Maarten van Veen (microtonale piano), Hugo van Neck (orgel), Andreas Arend (luit), Robbert van Hulzen & Clara de Mik (gamelan), Jos Zwaanenburg (fluit), Keiko Shichijo (piano), Tiemo Wang (bariton), Bart de Kater (klarinet), Clara Kim (viool), Hannah Shaw (altviool), Örs Köszeghy (cello), David Kweksilber (klarinet/saxofoon), Fang Weiling (erhu), Cees van der Poel (orgel), Hubert-Jan Hubeek, (saxofoon), Elske Tinbergen (barokcello), Edward Leach (tenor), Arnout Lems (bariton), Adam Jeffrey (percussie) en anderen.
Daarnaast heeft Stichting Huygens-Fokker met vele componisten samengewerkt, waarvan het werk door bovenstaande musici in première zijn gebracht. 

Historie musici

In het verleden hebben meerdere musici zich voor het 31-toonsorgel of de 31-toonsmuziek ingezet. Zo was Joop van Goozen vanaf begin jaren ’90 de vaste organist van het Fokker-orgel in het Teylers Museum, waar het 50 jaar heeft gestaan. Daarvoor was deze eervolle taak weggelegd voor Anton de Beer, die reeds in 1952 als vaste organist van het Fokker-orgel van start ging en het instrument bleef bespelen tot het einde van de jaren ’80. In de eerste twee decennia werd het Fokker-orgel ook met enige regelmatig door anderen bespeeld, waaronder Frans van Doorn en Adriaan Fokker zelf. De 31-toonsstemming werd in de tussentijd tevens gepromoot door het legendarische vioolduo van Bouw Lemkes en Jeanne Vos, die hiermee buiten het Teylers Museum in Haarlem concerten konden geven en zelfs namens Stichting Huygens-Fokker een uitgebreide Amerikaanse tour in seizoen 1976-1977 hebben gemaakt. De allereerste organist van het toen nog nieuwe 31-toonsorgel was Paul Christiaan van Westering, die in die tijd al een bekend gezicht was in de wereld van de muziek. Hieronder meer over deze musici.

Joop van Goozen (1960) studeerde klavecimbel bij Kees Rosenhart en Ton Koopman, en orgel bij Bernard Bartelink en Jacques van Ootmerssen aan het Sweelinck Conservatorium te Amsterdam. Beide studies sloot hij af in respectievelijk 1987 (D.M.) en 1988 (U.M.). Daarnaast verdiepte hij zich o.l.v. Klaas Hoek in het eigentijdse orgelrepertoire. Hij werd in 1982 benoemd tot dirigent/organist van de St. Bavokerk in Heemstede. Hij behaalde prijzen op orgelconcoursen te Nijmegen (1986) en Roeselaren (België) (1989). Van diverse componisten bracht hij werk in première waaronder Jos Zwaanenburg, Wim de Ruiter, Alexandre Hrisanide en Guus Janssen.
Van Goozens brede kennis van zowel oude als nieuwe muziek en zijn reputatie als uitvoerder, leidden tot het verzoek van de Stichting Huygens-Fokker om vaste bespeler van het Fokker-orgel in Teylers Museum te worden. Dit heeft hij jarenlang met grote regelmaat en toewijding gedaan, tot het instrument in 2000 uit het museum is weggehaald. Sindsdien voltooide hij een conservatoriumstudie dirigeren, en is nu o.a. werkzaam als dirigent. In 2009 en 2010 bespeelde hij voor het laatst het Fokker-orgel.

Bouw Lemkes en Jeanne Vos ontwikkelden als vioolduo sinds 1959, gestimuleerd door hun interesse voor natuurkunde, een verfijnde aanpak van stemmingsprincipes die nationaal en internationaal veel aandacht trok. Indrukwekkende uitvoeringen van Henk Badings’ eerste sonate voor twee violen door het echtpaar wekten zowel de belangstelling van de componist en professor Fokker als die van de radio en het internationale concertcircuit. Dat leidde tot een langdurige samenwerking die historisch genoemd kan worden tussen het duo, Badings en Fokker. In totaal schreef Henk Badings maar liefst vijf sonates voor twee violen en een concert voor twee violen en orkest, die alle, met uitzondering van “Sonate 1”, in het 31-toonssysteem zijn gecomponeerd en aan het duo zijn opgedragen. In de jaren zeventig werden sonates 1 t/m 4 opgenomen voor een inmiddels verdwenen Duits label. Met het label verdwenen helaas ook de originele moederbanden van deze muzikaal hoogstaande opnamen. Ook door Hans Kox werd een werk, de “Serenade” (1968) voor 2 violen in het 31-toonssysteem, aan hen opgedragen. Daarnaast schreven o.a. Alphonse Stallaert en Oedoen Partos een vioolduo en Bill Coates een werk voor twee violen en archifoon. Bouw Lemkes leefde van 1924-2016 en Jeanne Lemkes-Vos van 1926-2000.

Anton de Beer werd geboren op 27 oktober 1924 in Haarlem. Hij studeerde piano bij Johannes Röntgen en Paul Frenckel aan het Amsterdams Conservatorium, clavecimbel bij Richard Boer en compositie bij Ernest W. Mulder. In 1951 kwam hij in contact met prof. Fokker. Als pianist en koordirigent voelde hij zich sterk tot de 31-toonsstemming aangetrokken. Hij vond het in zekere zin een uitdaging om zich de speciale speeltechniek van het 31-toonsorgel, waarvan de mogelijkheid aanvankelijk door verscheidene collega’s nogal betwijfeld werd, eigen te maken. Sinds de bouw van het orgel in het Teylers Museum te Haarlem in 1952 was hij de vaste bespeler en daarnaast ook koor- en orkestdirigent. Hij voerde speciaal voor dit orgel geschreven composities van o.a. Henk Badings, Hans Kox, Joel Mandelbaum, Alan Ridout en Ivan Wyschnegradsky voor het eerst uit. Zelf schreef hij een Sonatine, een Sonate, enige Kleine Speelstukken, alsmede een tweedelige Methode voor 31-toonklavier.
Op instigatie van Anton de Beer is ook het elektronisch klankprincipe in de 31-toonsstemming betrokken. Door Herman van der Horst van de firma “Neonvox” te Wilp werd in 1970 een elektronisch, van toetsen voorzien instrument vervaardigd, waarbij de destijds door prof. Fokker zo ingenieus gerangschikte klaviatuur gehandhaafd bleef, hoewel de toetsjes iets dichter bij elkaar liggen, zodat de vingers nog sneller en zekerder hun weg over het toetsenbord kunnen vinden. Dit instrument, de Archifoon, werd op 1 november 1970 geïntroduceerd. Anton de Beer had voor die gelegenheid een Intrada 1 november 1970 vervaardigd, een kort demonstratiestuk waarin allerlei “grapjes” met bovenharmonischen en spiegelingen daarvan werden uitgehaald, en waarin vanzelfsprekend op de specialiteiten van de 31-toonsstemming, de vrijwel reine grote terts en harmonische septiem, extra de aandacht werd gevestigd. Voor de Archifoon schreef hij een aantal werken, zoals Speelmuziek I-II (1971, 1975), sommige in combinatie met violen of zang.
Voor zijn verdienste op het gebied van de 31-toonsmuziek ontving hij in 1982 de Jos de Klerk-prijs. Anton de Beer was voorzitter en lid van de Raad van Advies van de Stichting Huygens-Fokker, naast zijn functie als chef algemene zaken bij de NOS. Van 1971 tot 1984 was hij voorzitter van de muziekcommissie van de Arbeitsgemeinschaft Europäische Chorverbände (AGEC). Hij was mede-initiatiefnemer van het Kirill Kondrasjin-dirigentenconcours van de NOS, het Franz Liszt Pianoconcours en het Internationale Muziekconcours Scheveningen. Hij stierf in Haarlem op 1 februari 2000.

Paul Christiaan van Westering (Amsterdam, 9 juli 1911 – Zandvoort, 3 maart 1991) was de eerste bespeler van het 31-toonsorgel van Prof. Adriaan Fokker (in het Teylers Museum in Haarlem), oftewel het Fokker-orgel, waarvoor hij enkele composities componeerde en in 1952 een speelmethode schreef. Hij was tevens werkzaam als cantor/organist in verschillende plaatsen in Nederland en muziek-redacteur van de Haagse Post, bekend door zijn interviews, kritieken en grammofoonplaat-besprekingen. Daarnaast was hij AVRO-medewerker en auteur van de ‘Gesproken portretten van bekende musici’ (VARA). Zijn bezielde causerieën over muziek trokken in heel Nederland een groot publiek. Hij was tevens organist, pianist en componist.
Hij studeerde bij Jan Mul (compositie), Henk Badings (instrumentatie) en in Parijs bij Marcel Dupré (orgel). Hij schreef een opera, een oratorium, cantates, drie musicals, balletten, filmmuziek en ruim honderd concertliederen. Speciale aandacht trokken zijn frisse kinderliederen op teksten van Annie M.G. Schmidt (waarvan er een negentien-tal onder de titel DIKKERTJE DAP verschenen bij uitgeverij DE TOORTS te Haarlem). Bekend is zijn toonzetting van de Nederlandstalige versie van het Credo, de ‘Apostolische Geloofsbelijdenis’. Als schrijver publiceerde hij ‘De instrumenten van het orkest’ (1952) en ‘De mens achter de musicus’ (1965). Zijn archief bevindt zich in het Nederlands Muziek Instituut. Tweemaal werden zijn composities bekroond met een AVRO-prijs èn met de Visser-Neerlandia-prijs 1963. Zijn composities Fanfare, berceuse en koraal “Al is ons prinsje nog zo klein” (LBCD 87) en Suite de concert (LBCD 88) zijn op CD verschenen.