Organist Laurens de Man brengt op wonderlijke wijze een vergeten wereld tot klinken. Waar hij vorig seizoen muziek van 20e-eeuwse Nederlandse componisten samenbracht met hun renaissancevoorbeelden, breekt hij nu een lans voor de Nederlandse componist Henk Badings en tijdgenoten. Naast werk voor het Fokker-orgel van Badings zelf – die zonder twijfel de grootste en belangrijkste 20e-eeuwse bijdrage aan de Nederlandse
31-toonsmuziek geleverd heeft – staan er orgel- en pianowerken van Nederlandse componisten als Willem Pijper, Hendrik Andriessen, Jan Koetsier en Rudolf Escher op het programma.
Want hoe klinken de werken van deze componisten, die muziek componeerden in een periode dat het eerste vaste repertoire van het Fokker-orgel ontstond, nu eigenlijk? Samen met de uitmuntende hoboïste Inge Ariesen schetst meervoudig prijswinnaar Laurens de Man tijdens dit concert een beeld van de stilistische verschillen en overeenkomsten tussen de toondichters die muzikaal actief waren rond het midden van de 20ste eeuw. Deze ochtend zal alle muziek in de middentoonstemming uitgevoerd worden, een stemming die gangbaar was in de Renaissance. Alleen dit feit al maakt het concert bijzonder.
Laurens de Man, de jonge hoofdorganist van de Janskerk in Utrecht, maakte begin vorig jaar in het Muziekgebouw zijn debuut op het Fokker-orgel. Hij is vooral gecharmeerd van de mogelijkheid om op het instrument in de middentoonstemming te spelen. De mooie zuivere toonsafstanden geven niet alleen het werk van Henk Badings een boost, maar zorgen ook voor een bijzondere hernieuwde kennismaking met de werken van Nederlandse componisten rond het midden van de 20e eeuw.


